Ken je het gevoel? Wanneer we vakantie hebben en vanalles willen doen. En wanneer de vakantie daar uiteindelijk is, doen we niets. 

Zoals wanneer de zon te lang schijnt we er ook geen aandacht meer voor hebben. De eerste zonnestralen zijn het grootste geluk, net zoals de beginfase van verliefdheid. 

Ken je het gevoel? Die laatste dag van een reis, er nog éxtra van willen genieten omdat je morgen naar huis moet? Dat alles nog mooier lijkt omdat je er afscheid van moet nemen?

Dit is exact wat ik voelde wanneer het land opnieuw in zicht was. 

De boottrip ligt al even achter ons, maar de reis gaat altijd verder… De herinneringen, de verhalen, de lessen, de inspiratie... Allen leiden ze ons onderweg naar onze bestemming. En wij zelf zijn de kaart van onze zoektocht, getekend door de pen van het verleden. Wij zelf zijn de atlas. Wij, enkel wij zijn ons eigen referentiepunt, onze eigen gids. Met een eigen legende, een eigen schaal, eigen grenzen, eigen wateren die we doorzwemmen, eigen bergen die we trotseren… Op zoek naar de einder, op zoek naar houvast. Op zoek naar de kern waar heel onze persoonlijkheid rond draait. Op zoek naar onze diameter 12.4.

Maar wat als die er gewoon helemaal niet is? Wat als het gewoon een creatie is van de mens. Een dankbare creatie. Een illusie waaraan we ons maar al te graag vasthouden. Om de onzekerheid van ons bestaan te omzeilen, de wankele realiteit te ontkennen.

Een veel beschreven symbolische zoektocht naar een schat die er niet is, maar die ons wel gaande houdt. Hetzelfde geldt voor rouw en verdriet. Ze zeggen dat het overgaat… En wij… Wij houden vast aan die gedachte. Hoop. Alsof hoe meer tijd erover gaat, hoe meer het overgaat. Maar tijd zegt niets... En de dag? De dag die weet geen raad. De zin zoekend in een onbekend jargon. Onszelf staande houdend op een wankele horizon. Kracht puttend uit een onbestaande bron. 

Zoals het lepeltje op de rand van mijn potje cornflakes naar balans zoekend. Eerst danst het heel hevig, en dan komt het langzaam maar zeker tot rust... in de onrust. Het vindt evenwicht in het onevenwicht, zekerheid in de onzekerheid.

Op mijn weg naar huis ontmoet ik iemand in het station. Een blik, een klik. Hoewel ik zou willen dat het niet bij deze ene ontmoeting blijft, vraag ik zijn naam niet… Het leven is misschien niet meer dan een ontmoeting. 

En dit? Dit is een tussenstop.

En wij? Wij zelf blijken de enige schat.  

Houvast is een zegen... Wanneer we het loslaten. 

De zon gaat onder. Het bewijs dat eindes ook mooi kunnen zijn. Het einde of een nieuw begin? Het bewijs dat wanneer het ene verdwijnt, iets anders verschijnt... 

 

Foto's: Michiel De Baets, Chambrang photography

We schreeuwen. Niemand kan ons horen. Enkel de zee. Een stille getuige. 

We dansen. Niemand kan ons zien. 

Morgen is ver weg. Daar is ver weg. 

De elasticiteit van tijd en ruimte. De uitgestrektheid van de open lucht. 

We zingen. 

We drinken.

We reiken onze armen naar de hemel. Dankbaar

Het is nacht, maar we voelen ons licht. Ons silhouette mengt zich onder andere hemellichamen. 

We sluiten onze ogen. Om beter te zien. Om meer te voelen. 

Hoog… Hoger… Hoogst is nooit hoog genoeg. 

We draaien rond. Om alle windrichtingen te voelen. Tot we een vast punt vinden. Als een passer. De contouren van een cirkel. Geen begin en geen eind. 

Meer… Meer… Geef ons meer. Meest is nooit genoeg.

Laat ons heel dicht dansen en het steken op de wind. Laat ons heel veel drinken en het steken op ons evenwicht. Het ritme van de golven.

Laat ons dansen waar de lucht in de zee overvloeit. Waar herinnering eindigt en droom begint. Waar liefde heerst.

Ver... Verder... Verst is nooit ver genoeg.

Alsof je door me danst. Alsof je door me spreekt. Alsof je door me schrijft.

Een oude ziel in een jong lichaam.

Ik val in slaap. 

In je schoot. Tot voorbij de tijd. Tot voorbij de dood. 

En het water als een fluwelen deken rond me plooit.

Terug naar waar alles eens begon, 

Maken we de cirkel weer rond 

en op de achtergrond, 

een nieuwe horizon.

 

Foto's: Michiel De Baets - Chambrang photography

Soms wil ik zwijgen, slechts stilte schrijven. Ontsnappen in mezelf. Denkend dat daar de uitweg ligt. Soms wordt mijn eigen wereld dan heel klein. Zo klein dat ik er claustrofobisch zou worden.  Alsof je met een verrekijker kijkt en alles beangstigend groot lijkt.

Mateo draait de verrekijker. Alles lijkt nu beduidend kleiner. Wat een veertienjarige en een simpel voorwerp je kunnen leren…

De weg naar binnen is inderdaad belangrijk. Maar de omgekeerde weg, die naar buiten, is minstens even of zelfs belangrijker. Uit onszelf treden. Onszelf relativeren. Andere perspectieven. Andere horizonten opzoeken. 

Een wankel evenwicht tussen binnen en buiten. Tussen vergeten en herinneren. Tussen dicht en ver. Tussen introvert en extravert. Tussen uiterlijke schijn en gevoel. Als een spiegel, een gepolijst oppervlak die niet door zich laat kijken, en alle onzekerheden die daarbij komen kijken. Alsof er verwachtingen worden geschept die niet kunnen worden ingelost. 

We varen weg. De stad wordt kleiner en kleiner. De mist steekt op. Vast wordt steeds meer vloeibaar. Tot er alleen nog maar oceaan is. En wetende dat die oceaan zich oneindig ver uitstrekt, was genoeg om te weten dat ons eigen verhaal verdergaat, en dat en dat we nog een hele weg voor de boeg hebben. 

De zeilen gaan op. Ik sluit m’n ogen.

Soms is het juist de weg naar buiten die ons dichter brengt bij onszelf…

Foto's: Michiel De Baets - Chambrang photography

Op weg naar het station kwam ik voorbij een groep onbesliste toeristen. Één persoon in de groep zei al lachend “Och ja, als we niet weten waarnaartoe kunnen we ook niet verloren lopen”. 

Dit is exact wat ik voel. Altijd onderweg… al weet ik niet waarnaartoe. Als het leven een continue reis op weg naar een onbekende bestemming. In het midden van twee stations. Tussen nergens en ergens. 

Tussenin. Net als de horizon niet wetend of het tot de zee of de lucht behoort, of beiden. Als het getij. Getwijfel. Mijn eeuwige twijfel. De zee. Niet zeker. Een golf drijvend tussen de oceaan en het strand. Flirtend met de oevers van het onbekende. Het leven op de rand. Eb en vloed. Alnaargelang ons gemoed. Ieder verhaal en ieder één kent een dubbele kant. En de waarheid. De ware ons ligt ergens… tussen in

Eén groep deed het ons voor. Opnieuw vinden we onze inspiratie in Japan. “The play have a house”, een collectief van mensen met verschillende achtergronden en verschillende skills die vijf dagen reilen en zeilen in een zelfgebouwd drijvend huis tussen Kyoto en Osaka. Een sociaal experiment, een uitdaging waarvan het resultaat niet vastligt. Een reis waarvan de bestemming niet vastligt. Het dagelijkse leven als kunst. Varen. Ervaring. Daar gaand waar de wateren en de wind ons drijven. Vertrouwend op de stroom… en op elkaar. Samen… drijven. Ook wij gaan samen dit schip doen varen. Koken. Knopen leggen. Zeilen. We trekken aan hetzelfde zeel, we zitten in hetzelfde schuitje… En we zetten andere clichés kracht bij. Elkaars sterktes… en zwaktes leren kennen.

Onzeker welke richting we opgaan…

En op weg naar onze bestemming lijkt onze koers nu al te veranderen. Door storm op zee  moeten we onze aankomst een dag vervroegen. Onderworpen aan de natuur, onderhevig aan de wetten van tijd en verandering... Of zoals opvarende Virginia mooi weet te verwoorden “Op weg naar het doel, vervaagt het doel”. 

Ochja zo kunnen we de weg niet verliezen, toch?

 

Foto's: Michiel De Baets - Chambrang Photography

Eén eigenschap die ik gemeen had met haar, en nog steeds tracht uit te dragen, is een passie voor al wat mooi is. Een oog voor de subtiele details die vaak over het oog gezien worden, maar die het leven in essentie mooi maken. De magie van de perfecte imperfectie. Een levensstijl. Ook wel 'Wabi-Sabi' in het Japans. De gave het vanzelfsprekende helemaal niet als vanzelfsprekend te ervaren. Het tussen de lijnen door lezen. Het grote geluk zien in die kleine momentjes. 

Zoals zij mijn zus en mijzelf altijd attent maakte op het uur blauw. Haar aanstekelijke enthousiasme. Het magische uur. Haar passie voor het leven. En niet toevallig het uur waarop ze stierf. Op een maandag… Een blauwe maandag. Gisteren anderhalf jaar geleden.

Wat heel mooi is zonder dat het veel uitleg behoeft. Wat ons overstijgt. Waar we stil van worden. De geheimen van het universum. 

Zoals het gevoel dat we kunnen krijgen wanneer we kijken naar een boot die in de verte verdwijnt, of de zon die ondergaat… Tegelijkertijd geconfronteerd met de eindigheid en oneindigheid van ons bestaan. Een gevoel van schoonheid onlosmakelijk verbonden met vergankelijkheid. In het Japans 'Yügen', een vertakking van het bredere 'Wabi-Sabi'. 

Geheel in lijn met deze filosofie bereidt schipper Eddy ons voor op de bootreis, een terugkeer naar het simpele leven, zoals hij het altijd heeft ervaren. Geen wifi, geen gsm, geen beïnvloeding van buitenaf, geen oordeel, enkel een reis naar binnen, één met onszelf, de andere opvarenden en de natuur. Hier en nu. 

Het doel? Ik vraag het sommige opvarenden. Vergeten van het verleden of een nieuwe toekomst tegemoet, een vorig hoofdstuk afsluiten, of een nieuw schrijven? Het is een dunne lijn, net als de horizon. Misschien is het doel wel het aanvaarden van die eindigheid, het vergankelijke omarmen?

Net zoals dat cadeau voor mijn mama  toen ze ziek was. Een boekje zonder begin en eind volgens de Japanse traditie. En haar geruststellende woorden die weerklinken: "In the end everything will be okay. If it’s not, it’s not the end."

 

Foto's: Michiel De Baets - Chambrang Photography

De zoektocht gaat verder. De steekproef van verdriet. Op zoek naar verlaten plekken in het geheugen. Mensen die al vele waters doorzwommen hebben. Hoofdstukken die liever niet luidop worden gelezen worden gehoord. Het komt allemaal heel dicht. Te dicht.

"Schipper mag ik overvaren"? Een spel waarbij de verliezer wint. Maar wat graag zouden we allen de oversteek maken. Opnieuw beginnen. Een propere lei… Een leidraad. Een houvast. Hou me vast alstublieft!

Ondertussen zijn we voltallig. Schipper, kok, cameraman, kok, fotograaf, kunstenaar, ikzelf... Verschillende leeftijden, verschillende achtergronden... in hetzelfde schuitje. Er is geen onderscheid tussen bemanning en opvarenden. Net zoals er geen delen zijn apart van het geheel. Want hoe anders de wereld der verschillen overbruggen dan zelf die brug te vormen. Elk van ons? Als observator en co-creator... Op zoek naar wat ons verbindt... Eén gemene deler die uit de stemmen spreekt en waar we altijd op kunnen terugvallen is er alleszins: een enorme veerkracht.

Tijdens een wandeling in Brugge, passeer ik, niet toevallig in het minnewaterpark, naar 'minne', de achternaam van mijn mama en ‘Liefde’ in het Middelnederlands langs volgende tekst: 

“Van wat voorbij is, hoor je de slag in het water en van de spatten blijft alleen de spot die het leven drijft. Het water is weer rustig. Het vergeet zo vlug zijn rimpels.”

 

Screen Shot 2018-03-08 at 09.38.46.png

Voor de ene is het een persoon, een huisdier, een ketting, een souvenir, voor de ander een plek, een hobby, een sport, muziek, structuur, een camionette…

Houvast

De vraag die ons deze week meer dan ooit vasthield. 

Aan wat hou je je vast wanneer je geen sociaal vangnet hebt. Hoe heb je lief als je zelf geen liefde gekend hebt? Hoe blijf je jezelf opladen wanneer het leven je telkens opnieuw onderuit haalt? 

Op zoek naar antwoorden mengen we ons in de gezellige drukte van verschillende organisaties (Ibis Koninklijk Werk, CAW Oostende, Betonne Jeugd), die zich het lot van kwetsbare groepen aantrekken. En spreken mensen die we onderweg tegenkomen. Mensen die een zware rugzak met zich meedragen, jong en oud, uit alle lagen van de maatschappij. Onder het koken, voetballen, en afwassen door ontplooien zich verhalen. Absurde, eerlijke, onrechtvaardige, ontroerende, pijnlijke, tedere en soms grappige verhalen over vallen en opstaan. De façade valt weg. Gezichten krijgen een naam. Littekens worden zichtbaar. Het ongrijpbare wordt tastbaar. Wat ver van ons bed lijkt wordt heel herkenbaar. Een spiegel. Het (over)leven zoals het is. In z’n puurste vorm.

En bij mij… Is het liefde? Of is het hoop? Zelfs wanneer alle hoop dreigt verloren. Of schuilt het eerder in die onverwachte gelukjes die vaak in de kleinste hoekjes verborgen zijn, die kippenvelmomentjes? Of is het schrijven, creativiteit wat mij rechthoudt? Of gaat vasthouden eerder over loslaten? Of denk ik gewoon te veel? De zege en de vloek van een schrijver…

Hoe meer ik in gesprek ga, hoe luider mijn monoloog wordt. Hoe verder ik ga, hoe vager het zicht wordt. Hoe meer ik mezelf zoek, hoe meer ik mezelf verlies. 

Maar net zoals de weg ernaartoe vaak belangrijker is dan de bestemming, zijn de vragen misschien wel belangrijker dan het antwoord?  

 

Ø

Foto's: Michiel De Baets - Chambrang Photography

Ondertussen 3 jaar geleden. In Parijs. Het geluk aan mijn zij. Mijn mama, zus en papa aan de ene kant, mijn lief aan de andere kant. De wereld aan mijn voeten. Omgeven door liefde. “Nu heb ik echt alles”, hoor ik mezelf nog denken.

Drie weken later… Mijn mama gediagnostiseerd met huidkanker. Ongeneselijk. Tijd? Onbepaald.

Het kantelpunt in mijn leven, of zoals mijn zus het zo mooi weet te verwoorden “Het begin van het einde (van alles)”.

Afscheid nemen voor eeuwig, hoe doe je dat zelfs? Aan wat hou je je vast wanneer je hele bestaan aan diggelen ligt, wanneer de wortels van onder je voeten getrokken worden, wanneer je op losse grond beweegt? 

Of ik wilde meegaan als schrijfster op een boot naar de horizon? Een verhaal over evenwicht. Over houvast. Als lokale bewoner van limboland was dit een uitdaging die ik maar al te graag aanging. 

In een voortraject reizen we het land af op zoek naar rekruten, naar verhalen.We gaan op zoek naar schone verhalen, sterke verhalen. “Erge verhalen”, verbetert iemand ons tijdens een eerste gesprekkenronde. Kwetsbare verhalen. Grote verhalen. Kleine verhalen.

Een symbolische reis. Een evenwichtsoefening tussen de wil ons te verliezen, en de drang naar stabiliteit en zekerheid, tussen vasthouden en loslaten, tussen het verleden en de toekomst, tussen het gekende en het onbekende. Een zoektocht die, zoals elke reis, eindigt bij onszelf. En vooral, een herinnering aan hoe sterk we allen zijn en hoe makkelijk we kunnen breken.

 

Ø